Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Onder 3.28 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1273.
“Het is maar de vraag of het verstrekken van louter een overzicht van verwerkte persoonsgegevens, zonder enige context, de betrokkene tot dit alles in staat stelt. De betrokkene lijkt zich in een dergelijk geval immers eenvoudig te kunnen verweren met de stelling dat zonder afschrift van alle bescheiden waarin de persoonsgegevens zijn opgenomen, niet te controleren is of de gegevens wel voldoende ‘eerlijk’ (artikel 6 onderdeel a richtlijn) en voldoende ‘nauwkeurig’ (artikel 6 onderdeel d richtlijn) zijn verwerkt.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1, en de alinea staat in dat document op bytes 57172 tot 57716.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1 | shasum -a 256