Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Onder 3.34 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1273.
Het bovenstaande in aanmerking nemende vallen de door [ Appellante ] verzochte gegevens niet onder het inzagerecht van artikel 35 Wbp. Dit wordt niet anders indien, zoals door [ Appellante ] gesteld in de ter gelegenheid van de behandeling in eerste aanleg overgelegde pleitnotities, de persoonlijke aantekeningen/gedachten schriftelijk, waaronder begrepen ‘elektronisch’, worden gedeeld met andere werknemers. Dit rechtvaardigt niet de conclusie dat deze bedoeld zijn om tezamen met andere persoonsgegevens in een bestand te worden opgenomen.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1, en de alinea staat in dat document op bytes 67041 tot 67605.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1 | shasum -a 256