Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Onder 3.36 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1273.
Aan art. 35 Wbp ligt het transparantiebeginsel ten grondslag. Dit beginsel houdt in dat de betrokkene, vanuit een oogpunt van privacybescherming, in de gelegenheid moet worden gesteld na te gaan waar gegevens over hem in een ‘bestand’ zijn vastgelegd en hoe deze zijn verwerkt. In de systematiek van de Wpb behoeft de betrokkene bij het indienen van een verzoek op grond van art. 35 Wbp niet een bepaald belang te stellen, noch het doel te vermelden dat hij met de gevraagde inzage wil bereiken. Het belang van de betrokkene komt eerst aan de orde wanneer de verantwoordelijke een beroep doet op een van de uitzonderingen in art. 43 Wbp of, zoals in deze zaak, op misbruik van recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1, en de alinea staat in dat document op bytes 69309 tot 70073.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1 | shasum -a 256