Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018

Onder 4.30 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1273.

Het onderdeel stelt verder aan de orde het vermeende oordeel van het hof dat interne memo’s documenten zijn waarin persoonlijke gedachten van medewerkers zijn neergelegd die zijn bedoeld voor intern overleg en beraad en daarom “ per definitie buiten het bereik van het inzagerecht vallen.” (zie 6.4 ). Volgens het onderdeel zou het “uiterst ongewenste effect ” van deze rechtsopvatting zijn dat “ als de verantwoordelijke alleen maar stélt dat een bepaald document persoonlijke gedachten van medewerkers bevat die zijn bedoeld voor intern overleg en beraad, de betrokkene direct met lege handen komt te staan .” (zie 6.9 ). Daaraan voegt het onderdeel nog toe dat dat het hof ten onrechte zou zijn uitgegaan van een alles-of-niets benadering. Het moet ook mogelijk zijn de verantwoordelijke te gelasten het document te verstrekken met daarin uitsluitend de persoonlijke gedachten van medewerkers onzichtbaar gemaakt, “ een en ander uiteraard mits eerst aan het vereiste van gewichtige redenen is voldaan .” (zie 6.10 ).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1, en de alinea staat in dat document op bytes 96205 tot 97501.