Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2018

Onder 4.50 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1295.

Daarmee is nog steeds niet gezegd dat iedere schending van een persoonlijkheidsrecht of ander fundamenteel recht steeds een aanspraak op smartengeld rechtvaardigt. Hiervóór is de stelling betrokken (randnummer 4.27) dat dit afhankelijk is van een nadere afweging van gezichtspunten waarbij ook het optreden van gevolgen voor de rechthebbende alsmede de aard en ernst van deze gevolgen gewicht in de schaal kunnen leggen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed1032c01b0bcf0540f804588bd785e363f8ad274e006ba728832f69fd6412fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed1032c01b0bcf0540f804588bd785e363f8ad274e006ba728832f69fd6412fd, en de alinea staat in dat document op bytes 99869 tot 100368.