Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1314.
Wat betreft onderdeel 3: in de hoofdzaak was de onderlinge rechtsverhouding tussen de vrouw en de man aan de orde; niet de rechtsverhouding tussen de advocaat van de vrouw en de Staat. Het beginsel van fair trial , met inbegrip van het fundamentele beginsel van hoor en wederhoor, houdt in dat een procespartij in de gelegenheid wordt gesteld haar standpunt ten overstaan van de rechter naar voren te brengen. De procespartij was in dit geval niet de advocaat, maar zijn cliënte. Het enige procedurele verwijt dat het middelonderdeel aan de wrakingskamer maakt, is dat de wrakingskamer twee gewraakte raadsheren niet heeft opgeroepen en nader aan de tand heeft gevoeld over (de reden van) een eerdere weigering van een uitstelverzoek in de hoofdzaak. Dat betreft weer de diepgang van het feitenonderzoek en lijkt mij niet voldoende voor een doorbreking van het rechtsmiddelenverbod in art. 39 lid 5 Rv.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3eb7347e83d1b43e4725197868a58d9c8663a595907d313abb53af794ae6765c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3eb7347e83d1b43e4725197868a58d9c8663a595907d313abb53af794ae6765c, en de alinea staat in dat document op bytes 18883 tot 19869.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3eb7347e83d1b43e4725197868a58d9c8663a595907d313abb53af794ae6765c | shasum -a 256