Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 november 2018

Onder 5.6. Parket bij de Hoge Raad 27 november 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1333.

De vraag of aan een gedane afstand van recht een daarmee corresponderende wil ten grondslag lag, lijkt in het civiele recht niet de vraag te zijn waarop het uiteindelijk aankomt. Dat komt door de werking van het vertrouwensbeginsel. Art. 3:35 BW bevat een voorziening voor het geval iemand “eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, heeft opgevat als een door die ander tot hem gerichte verklaring van een bepaalde strekking”. Die ander kan er in dat geval geen beroep op doen dat zijn wil niet met die verklaring overeenstemde. De vraag of rechtsgeldig afstand van recht is gedaan, wordt dan ook veelal in de sleutel van het vertrouwensbeginsel gezet. Illustratief is de wijze waarop de in sommige wetsbepalingen voorkomende eis wordt benaderd dat de desbetreffende wilsverklaring “ondubbelzinnig” moet zijn. Volgens Spierings is hier “geen sprake van een geldigheidsvereiste, maar veeleer een clausulering die tot uitdrukking brengt dat bij eenzijdige rechtshandelingen oplettendheid gepast is ten aanzien van de vraag of de handelende wel heeft bedoeld zichzelf te binden”. De vereiste ondubbelzinnigheid komt aldus aan de orde bij de vraag naar de vertrouwensbescherming van de geadresseerde. Die geadresseerde moet (extra) voorzichtig zijn. Spierings stelt daarbij dat terughoudendheid gepast is bij het aannemen dat iemand afstand wil doen van een recht, zeker als dat om niet gebeurt. “Hieraan ligt”, stelt hij, “de impliciete aanname ten grondslag dat mensen beogen te handelen op een manier die gunstig uitpakt voor hun vermogen. Er mag niet licht op vertrouwd worden dat iemand zichzelf wil benadelen”. Daarbij past dat tot de “gegeven omstandigheden” waaraan in art. 3:35 BW wordt gerefereerd, ook de aard en de waarde van het goed behoort. Hoe kostbaarder het goed, hoe voorzichtiger men moet zijn bij de aanname dat de betrokkene daarvan afstand wil doen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e464e797ab2f319a2421dd48926657795cb3c70da3651750b38b5b7b7ed1a51f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e464e797ab2f319a2421dd48926657795cb3c70da3651750b38b5b7b7ed1a51f, en de alinea staat in dat document op bytes 16985 tot 19244.