Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2018
Onder 6.12 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1346.
De memorie van toelichting bij het Belastingplan 2014 vermeldt dat de tegenbewijsmogelijkheid ex art. 34(3) Wet mrb niet geldt bij buitenlands gekentekende motorrijtuigen (zie 6.17). Dat betekent dat niet toegelaten is bewijs dat het motorrijtuig niet feitelijk ter beschikking stond gedurende een ander deel van de naheffingsperiode ex art. 34(2)(2e volzin) dan het begin. In zijn schriftelijke opmerkingen in deze prejudiciële zaak gaat de Staatssecretaris echter wel degelijk uit van tegenbewijs ter zake van andere aspecten van de naheffingsperiode dan de aanvang. U zie daarover nader 7.10 e.v.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20efff7bae7da661b46e37b490435da30f3df6e64fd611b316449601166ea824. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20efff7bae7da661b46e37b490435da30f3df6e64fd611b316449601166ea824, en de alinea staat in dat document op bytes 91354 tot 92067.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/20efff7bae7da661b46e37b490435da30f3df6e64fd611b316449601166ea824 | shasum -a 256