Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2018

Onder 1.4 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1358.

In het arrest HR BNB 2017/156 waarnaar u verwees (zie 2.6 hieronder) oordeelde u dat als een belastingplichtige aannemelijk maakt dat een schuld die rechtens is verschuldigd aan een verbonden lichaam in feite is verschuldigd aan een derde, zij het in art. 10a(3)(a) Wet Vpb vereiste tegenbewijs heeft geleverd ter zake van zowel die schuld als de daarmee verband houdende rechtshandeling. Bij die tegenbewijslevering moet in ieder geval worden gekeken naar looptijd, aflossingsschema, rentevergoeding, omvang en tijdstip van aangaan van de intern en externe lening, in onderlinge samenhang.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdcae8a0a927e21d749b7af180e808817203573b12dc85b6a8007f832e4f6543. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdcae8a0a927e21d749b7af180e808817203573b12dc85b6a8007f832e4f6543, en de alinea staat in dat document op bytes 19643 tot 20281.