Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 december 2018

Onder 33.1. Parket bij de Hoge Raad 18 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1389.

34. Ambtshalve merk ik op dat de verdachte gedetineerd is en dat sinds de dag dat het cassatieberoep werd ingesteld, te weten 5 juli 2017, meer dan 16 maanden zijn verstreken. Een deel van deze termijn is echter toe te rekenen aan het door de Hoge Raad verleende uitstel voor het indienen van cassatiemiddelen in verband met de complexiteit van de zaak. Mijns inziens hangt het af van de datum waarop de Hoge Raad uitspraak zal doen in deze zaak of op dat moment de redelijke termijn is geschonden. Ook als de redelijke termijn in cassatie is geschonden, hoeven daaraan geen rechtsgevolgen te worden verbonden. De aan de verdachte opgelegde levenslange gevangenisstraf leent zich naar haar aard niet voor vermindering. Andere gronden voor ambtshalve cassatie zijn door mij evenmin aanwezig bevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f670b3d421e2fc409e2c17dccc4a2b9af501bc5b28bbfe8021b08c11a564e9e7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f670b3d421e2fc409e2c17dccc4a2b9af501bc5b28bbfe8021b08c11a564e9e7, en de alinea staat in dat document op bytes 518603 tot 519479.