Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Onder 4.71. Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:14.

De passage uit het Handboek van Van der Heijden/Van der Grinten stamt uit 1968 (8e druk) en is sindsdien in de opeenvolgende drukken gehandhaafd. In 1968 bestond het wettelijke agenderingsrecht van artikel 2:114a BW niet. In de literatuur wordt in meerderheid verdedigd dat het verzoek om een motie (in de zin van mening of standpunt) in stemming te brengen moet worden gehonoreerd, als die motie voldoende samenhang vertoont met het aan de orde zijnde agendapunt of betrekking heeft op het functioneren en het beleid van bestuur of rvc. De voorstanders van de afdwingbaarheid van de motie ter vergadering baseren zich op de hierboven geciteerde passage in het Handboek van Van der Heijden/Van der Grinten en op andere literatuur die dateert uit de tijd dat het agenderingsrecht van aandeelhouders nog niet bestond. Ik meen dat het beroep op deze passage uit het Handboek van Van der Heijden/Van der Grinten gerelativeerd dient te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef75bffdb4678af403c6d841dec9914989468ec59c8a445e020349f22c212c06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef75bffdb4678af403c6d841dec9914989468ec59c8a445e020349f22c212c06, en de alinea staat in dat document op bytes 106752 tot 107897.