Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Onder 4.78. Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:14.

Boskalis heeft over de opmerkingen van de minister gesteld dat het voor de hand ligt aan te nemen dat de minister hier louter het oog heeft gehad op formele stemuitbrenging, dat wil zeggen stemuitbrenging met rechtsgevolg voor de vennootschap. Dat met het woord “stemming” louter de vennootschapsrechtelijke handeling en niet de feitelijke handeling is beoogd, acht ik niet aannemelijk. Dat ligt niet voor de hand, omdat de minister dat antwoord heeft gegeven op de open vraag van leden van de SP-fractie “hoe moet worden omgegaan met de agendering van een onderwerp ten aanzien waarvan de aandeelhoudersvergadering geen bevoegdheid bezit.” De minister gaat vervolgens ook in op wat volgens hem wel mogelijk is, te weten een beraadslaging. Een beraadslaging houdt noch de plicht tot een formele noch tot een ‘ informele ’ stemming in. In de woorden van Assink bij deze opmerking van de minister over de behandeling van een onderwerp waarvoor de aandeelhoudersvergadering geen bevoegdheid bezit:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef75bffdb4678af403c6d841dec9914989468ec59c8a445e020349f22c212c06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef75bffdb4678af403c6d841dec9914989468ec59c8a445e020349f22c212c06, en de alinea staat in dat document op bytes 117941 tot 119122.