Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1410.

“3.4 (…) Een voorlopig deskundigenonderzoek als bedoeld in art. 227 lid 2 Rv. [lees thans: art. 202 Rv, plv. P-G] kan ertoe dienen een partij de mogelijkheid te verschaffen aan de hand van het uit te brengen deskundigenbericht zekerheid te verkrijgen omtrent de voor de beslissing van het geschil relevante feiten en omstandigheden en aldus beter te kunnen beoordelen of het raadzaam is de procedure te beginnen of voort te zetten (vgl. HR 6 februari 1998, nr. 8986, NJ 1999, 478). Aan de rechter die heeft te oordelen over het verzoek een dergelijk onderzoek te gelasten, komt geen discretionaire bevoegdheid toe. Hij dient het onderzoek in beginsel te gelasten, mits het daartoe strekkende verzoek terzake dienend en voldoende concreet is en feiten betreft die met het deskundigenonderzoek bewezen kunnen worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4dbe151f0aea31c550b86f7e3a4fcb08ecc1d7673d05e9ae36f5c6e3f1b363e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4dbe151f0aea31c550b86f7e3a4fcb08ecc1d7673d05e9ae36f5c6e3f1b363e1, en de alinea staat in dat document op bytes 25011 tot 25843.