Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1424.

“Het derde lid geeft een algemene voorziening en is bedoeld om ondubbelzinnig te laten uitkomen dat de ontvanger in de uitoefening van zijn taak in rechte kan optreden en kan worden gedagvaard. In geschillen waarbij de ontvanger is betrokken zouden, bij gebreke aan zulk een bepaling, problemen kunnen rijzen omtrent de vraag wie moet worden gedagvaard: de Staat of de ontvanger.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fda65a08a8599051d4d03bb9ffc6717a17f76aee76da7e581cbaa82d1396295a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fda65a08a8599051d4d03bb9ffc6717a17f76aee76da7e581cbaa82d1396295a, en de alinea staat in dat document op bytes 55733 tot 56194.