Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1424.

Met betrekking tot de tenuitvoerlegging van een dwangbevel wordt in de (Nederlandse) literatuur, in afwijking van hetgeen uit art. 430 lid 3 Rv voortvloeit, aangenomen dat betekening van het dwangbevel aan de belastingschuldige als een daad van tenuitvoerlegging moet worden gezien . Daarbij wordt verwezen naar het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch uit 1995 , waarin het hof oordeelde betekening van de dwangbevelen aan de belastingschuldige moet worden aanvaard als een daad van tenuitvoerlegging in de zin van art. 17 Invorderingswet 1990 en dat verzet niet slechts mogelijk is indien en nadat – na de betekening van het dwangbevel – verdere daden van tenuitvoerlegging zijn gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fda65a08a8599051d4d03bb9ffc6717a17f76aee76da7e581cbaa82d1396295a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fda65a08a8599051d4d03bb9ffc6717a17f76aee76da7e581cbaa82d1396295a, en de alinea staat in dat document op bytes 67075 tot 67917.