Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2018
Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:143.
Zoals ik reeds in punt 2.14 van mijn eerdere conclusie heb opgemerkt, bestaat ruimte voor de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid indien in een concreet geval datgene wat voortvloeit uit de wet tot een onaanvaardbare uitkomst leidt. Zelfs dwingende wetsbepalingen, zoals art. 8:983 BW, kunnen buiten toepassing worden gelaten. Daarbij is van belang, zoals ik in punt 2.24 van mijn eerdere conclusie heb vermeld, dat de rechter bij de toepassing van de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid de nodige terughoudendheid moet betrachten. De vraag rijst of zich bijzondere omstandigheden hebben voorgedaan waardoor in dit specifieke geval de toepassing van art. 8:983 BW tot een onaanvaardbare uitkomst leidt. Opmerking verdient dat de beoordeling of zich bijzondere omstandigheden hebben voorgedaan overwegend feitelijk van aard is en in cassatie slechts op de begrijpelijkheid en het toereikend zijn van de motivering kan worden getoetst (zie ook punt 2.23 van mijn eerdere conclusie).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbff3407b1e273ea554ab9f7742399f15d514917ad6ed20faaa17a18fcca3800. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbff3407b1e273ea554ab9f7742399f15d514917ad6ed20faaa17a18fcca3800, en de alinea staat in dat document op bytes 7758 tot 8787.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbff3407b1e273ea554ab9f7742399f15d514917ad6ed20faaa17a18fcca3800 | shasum -a 256