Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018

Onder 1.11 Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:148.

Nadat [betrokkene 6] (hierna: [betrokkene 6] ) als getuige is gehoord, heeft de rechtbank bij eindvonnis van 6 november 2013 geoordeeld dat [eiseres] niet is geslaagd in het leveren van tegenbewijs en voorts dat Nationale-Nederlanden mocht terugkomen op haar erkenning van aansprakelijkheid en de toezegging van dekking onder de verzekering. De vordering in conventie is afgewezen, met veroordeling van [eiseres] in de proceskosten van Nationale- Nederlanden en in de proceskosten van de niet-verschenen [betrokkene 1] , welke laatste kosten evenwel, nu [eiseres] geen vordering heeft gericht tegen [betrokkene 1] , zijn begroot op nihil. In reconventie heeft de rechtbank [eiseres] veroordeeld tot betaling van € 23.174,20 met wettelijke rente en kosten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79f67acbb33529cf2f5e2a9f4ca0aac6365a6d71517559cc3ff071a45a61983a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79f67acbb33529cf2f5e2a9f4ca0aac6365a6d71517559cc3ff071a45a61983a, en de alinea staat in dat document op bytes 14122 tot 14892.