Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018
Onder 3.7 Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:149.
Subonderdeel 2.2 richt motiveringsklachten tegen de zojuist genoemde overweging in rov. 3.3.4, derde alinea, en tegen de daaraan door het hof in rov. 3.3.4, laatste alinea, verbonden conclusie. In de kern betoogt het subonderdeel dat niet valt in te zien waarom het gegeven dat de aandeelhoudersbesluiten niet zijn getekend op 7 mei 1999 meebrengt dat de Bank zich erop kan beroepen dat de afspraken niet zijn nagekomen, (a) nu [betrokkene 1] en [eiseres 1] – gezien de in subonderdeel 2.1 bedoelde stellingen − al wel medewerking hadden verleend aan de feitelijke uitvoering ervan ( subonderdeel 2.2.1 ) en (b) gezien de stellingen van [eiseres] c.s. over de gang van zaken rondom het niet doorgaan van de ondertekening van de aandeelhoudersbesluiten in de namiddag van vrijdag 7 mei 1999 en de vervolgafspraak die toen is gemaakt voor maandag 10 mei 1999 bij de notaris ( subonderdelen 2.2.2 en 2.2.3 ).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c839396591be429fbb5c0b2e908b5b19778489afea3c0f6c64a3d7ff65d745d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c839396591be429fbb5c0b2e908b5b19778489afea3c0f6c64a3d7ff65d745d8, en de alinea staat in dat document op bytes 54295 tot 55337.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c839396591be429fbb5c0b2e908b5b19778489afea3c0f6c64a3d7ff65d745d8 | shasum -a 256