Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 december 2018

Onder 3.23. Parket bij de Hoge Raad 21 december 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 december 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1513.

Tegen deze achtergrond kan de behandeling van de kern van onderdeel 2 kort zijn. Het onderdeel kan niet tot cassatie leiden. Het hof heeft mijns inziens in rov. 2.9-2.10 jo. 2.16-2.17 en het dictum niet blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting en de beschikking van het hof is evenmin onbegrijpelijk of ontoereikend gemotiveerd. Het onderdeel gaat uit van een te strenge connexiteitseis tussen de door het hof vastgestelde gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid en de reikwijdte van het vervolgens te bevelen onderzoek. Het in het onderdeel verdedigde standpunt dat het te bevelen onderzoek uitsluitend betrekking kan hebben op, en aldus beperkt dient te zijn tot de vastgestelde redenen voor twijfel aan een juist beleid kan, gelet op de hiervoor besproken wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur, niet worden aanvaard. Met het onderdeel kan weliswaar worden aangenomen dat er een zeker verband dient te bestaan tussen de vastgestelde gronden voor twijfel aan een juist beleid en de reikwijdte van het bevolen onderzoek, maar dat verband gaat niet zover dat de bezwaren die door het hof niet als gegronde reden voor twijfel aan een juist beleid zijn aangemerkt slechts in het onderzoek mogen worden betrokken als die dusdanig verweven zijn met de vastgestelde gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid dat onderzoek naar die vastgestelde gegronde redenen slechts kan plaatsvinden door eveneens die andere bezwaren in het onderzoek te betrekken. Een dergelijke strenge eis vindt geen steun in het recht. Hiervoor in nr. 3.16 merkte ik op dat als de bezwaren waarvan het hof onbesproken heeft gelaten of die gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid opleveren een zekere samenhang vertonen met en in de context passen van de wel gegrond bevonden redenen voor twijfel aan een juist beleid, dat in het kader van de materiële waarheidsvinding, eerder aanleiding zal geven die bezwaren in het onderzoek te betrekken dan bij geheel losstaande bezwaren. Dat geldt te meer als het hof zoals in de onderhavige beschikking de onderzoeker uitdrukkelijk toestaat, welke vrijheid het hof heeft, om die bezwaren in zijn of haar onderzoek te betrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17e5b5ee2e753e99fbc37b3429cdce906745930d5dd10d1fefa7730ef77708c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17e5b5ee2e753e99fbc37b3429cdce906745930d5dd10d1fefa7730ef77708c1, en de alinea staat in dat document op bytes 70335 tot 72530.