Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018
Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:152.
Geklaagd wordt dat het Hof heeft miskend dat het de rechter niet vrijstaat zijn oordeel te baseren op rechtsgronden die weliswaar zouden kunnen worden afgeleid uit de in het geding gebleken feiten en omstandigheden, maar die door de desbetreffende partij niet aan haar vordering ten grondslag zijn gelegd. Door [verweerster 1] is namelijk geen beroep gedaan op misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 lid 2 BW-SM) door [verzoekster] . Hooguit kan uit haar stellingen worden afgeleid dat zij van mening was dat afbraak niet redelijk en billijk is (art. 3:12 BW-SM) of dat zij een beroep heeft willen doen op art. 5:54 BW-SM. Subsidiair wordt geklaagd dat het Hof – nu het aanleiding heeft gezien een rechtsgrond (misbruik van bevoegdheid) ambtshalve aan de orde te stellen – partijen in de gelegenheid had moeten stellen het processuele debat daarover aan te gaan. Nu het Hof dit heeft nagelaten, is sprake van een verrassingsbeslissing en is gehandeld in strijd met het beginsel van hoor en wederhoor.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a1e81ccfaa52746d8519c49819047fcc2ccd9082fb7f82a6b41663af4b55bc84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a1e81ccfaa52746d8519c49819047fcc2ccd9082fb7f82a6b41663af4b55bc84, en de alinea staat in dat document op bytes 20409 tot 21424.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a1e81ccfaa52746d8519c49819047fcc2ccd9082fb7f82a6b41663af4b55bc84 | shasum -a 256