Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018

Onder 1.5 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:161.

Bij eindvonnis van 21 juli 2015 heeft het GEA geoordeeld, onder meer, dat de vorderingen voor zover gericht tegen de Stichting moeten worden afgewezen (rov. 4.2-4.6). Ten aanzien van het Land en [verzoekers] heeft het GEA geoordeeld dat [verzoekers] slechts het houten huisje en de grond waarop het is gebouwd door middel van levering (akte en overschrijving daarvan) in eigendom hebben verkregen (rov. 4.12), zodat de vaststelling van eigendom van andere percelen op grond van levering in zoverre dient te worden afgewezen (rov. 4.13). Het GEA is echter wel van oordeel dat erflater en haar erfgenamen sedert 1942 voortdurend en ononderbroken ondubbelzinnige bezitsdaden hebben verricht, zodat [verzoekers] de eigendom van het in meetbrief 149/1999 beschreven perceel hebben verkregen op grond van verkrijgende verjaring (rov. 4.14, 4.30).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f0d6be440e1646ab3bd30da35d555fd03ad6610bfc7ff9211f92e2f546cef99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f0d6be440e1646ab3bd30da35d555fd03ad6610bfc7ff9211f92e2f546cef99, en de alinea staat in dat document op bytes 11637 tot 12491.