Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018

Onder 2.5.2 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:161.

Subonderdeel 1.2-d bestempelt het oordeel van het hof inzake "het stelsel van de wet” als niet alleen onjuist maar ook onwenselijk, omdat het de deur openzet voor misbruik en onterechte onteigening door de staat. Daartoe wordt aangevoerd, samengevat, dat het algemeen bekend is dat op de bovenwindse eilanden, waaronder Sint Maarten, als gevolg van het lange tijd niet/gebrekkig functioneren van kadaster, notariaat en registratie rechtsonzekerheid bestaat over de vraag aan wie registergoederen toebehoren en dat op dit moment zowel het Land als de Stichting met ernstige integriteitsproblemen kampen. Aanvaardt men tegen deze achtergrond de rechtsopvatting van het hof, dan zet dit de deur open voor misbruik. Dit geldt eens temeer nu het hof oordeelde dat na toepassing van art. 572 BWNA (oud) kennelijk geen beroep meer kan worden gedaan op verkrijgende verjaring (zie onderdeel 3). Men kan in Sint Maarten ten aanzien van ieder stukje grond volhouden dat de eigendomsverhoudingen op enigerlei moment in het verleden (bijv. 1870, 1910, 1942 of 1955) niet helemaal duidelijk waren en dat de grond als gevolg daarvan eigenlijk altijd al aan de staat toebehoorde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f0d6be440e1646ab3bd30da35d555fd03ad6610bfc7ff9211f92e2f546cef99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f0d6be440e1646ab3bd30da35d555fd03ad6610bfc7ff9211f92e2f546cef99, en de alinea staat in dat document op bytes 32788 tot 34054.