Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018
Onder 2.23 Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:162.
Om de praktijk houvast te geven bij de invulling van het begrip ‘belanghebbende’, bij gebreke aan een wettelijke omschrijving, heeft ten tijde van de invoering van het nieuwe familieprocesrecht in 1995 een Implementatiecommissie per type familierechtelijke procedure geïnventariseerd wie kwalificeren als belanghebbende(n) en als ‘ anderen wier verklaring in verband met de beoordeling van het verzoek van betekenis kan zijn ’ (art. 799 lid 1 Rv; zie hierover nader onder 2.26). Het opgestelde overzicht van de Implementatiecommissie is opgenomen in een in 1995 door het Ministerie van Justitie uitgebrachte brochure over het nieuwe familieprocesrecht. Bij verzoekschriften tot ‘ontheffing of ontzetting uit het ouderlijk gezag’ zijn in deze brochure – in een ‘niet-limitatieve opsomming’ – als belanghebbenden vermeld: - minderjarige,
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb6b626e9768fe51a36c974d5b381b7c9ad4b378aa3dd5190589ead8f34a58cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb6b626e9768fe51a36c974d5b381b7c9ad4b378aa3dd5190589ead8f34a58cf, en de alinea staat in dat document op bytes 49349 tot 50456.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb6b626e9768fe51a36c974d5b381b7c9ad4b378aa3dd5190589ead8f34a58cf | shasum -a 256