Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018

Onder 2.14 Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:164.

Het hof heeft zijn uitleg van de telefonische mededeling gebaseerd op de vastlegging daarvan in de brief van mr. Keuchenius en de overweging dat niet valt in te zien waarom [verweerder] die bewoordingen redelijkerwijs niet mocht opvatten als een opzegging van de vof. Met betrekking tot de uitlating van mr. Keuchenius ter zitting van de voorzieningenrechter van 20 juni 2012 overweegt het hof slechts dat deze “daaraan” (kennelijk: aan de uitleg van de telefonische mededeling als een opzegging van de vof) niet in de weg staat, omdat dat “een ander geding en bovendien een kort geding” was, zodat art. 154 Rv en art. 236 Rv niet van toepassing zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/210119daafb0fed0dbecddba6a297c06bc1cb4a7154ca52aea50fa5ada982396. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 210119daafb0fed0dbecddba6a297c06bc1cb4a7154ca52aea50fa5ada982396, en de alinea staat in dat document op bytes 36512 tot 37185.