Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Onder 2.35. Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:21.

Een argument voor de opvatting volgens welke aan een inhoudelijk oordeel van arbiters omtrent de rechtsverhouding waaraan het verrekeningsverweer is ontleend, wel degelijk gezag van gewijsde toekomt, is dat dit gezag direct met het gesloten stelsel van rechtsmiddelen verbonden is. Voorwaarde voor het gezag van gewijsde is niet dat de beslissing van de rechter juist is en niet eens dat hij tot het geven van een beslissing bevoegd was. Wordt tegen een onbevoegd gegeven oordeel geen rechtsmiddel aangewend, dan verkrijgt dus ook dat oordeel gezag van gewijsde. Welnu, indien zelfs aan een onbevoegd gegeven oordeel gezag van gewijsde toekomt, waarom zou dat dan niet gelden voor hetgeen arbiters bevoegd omtrent een verrekeningsverweer oordelen? Ik zeg ‘bevoegd’ omdat zij bevoegd oordelen over de vordering waartegen het verrekeningsverweer zich richt en hun bevoegdheid omtrent deze vordering die omtrent het verweer omvat (zie onder 2.33).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84, en de alinea staat in dat document op bytes 52119 tot 53179.