Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Onder 2.14. Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:21.

Art. 3:43 lid 1 aanhef en onder a BW verbindt aan nauwkeurig omschreven voorwaarden categorisch de rechtsgevolgen van nietigheid en schadeplichtigheid. Art. 3:40 lid 1 BW daarentegen verbindt de nietigheidssanctie aan een open norm, namelijk die van de goede zeden en de openbare orde. Art. 6:162 BW verbindt de verplichting tot schadevergoeding mede aan een eveneens open norm, namelijk die van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. De keuze van de wetgever om af te wijken van het Franse stelsel betekent niet dat een rechtshandeling die daardoor buiten het bereik van art. 3:43 lid 1 aanhef en onder a BW valt steeds geldig is en evenmin dat nimmer schadevergoeding verschuldigd is. Anders dan in het geval van art. 3:43 lid 1 aanhef en onder a BW kunnen de rechtsgevolgen van de handeling echter – ik zet de tegenstelling nu scherp aan – niet eenvoudig door deductie worden vastgesteld en dient in plaats daarvan een afweging plaats te vinden waarvoor alle omstandigheden van het geval (waaronder ook de in Nederland levende rechtsovertuigingen) bepalend zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84, en de alinea staat in dat document op bytes 31465 tot 32682.