Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Onder 2.26. Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:21.

Het subonderdeel betoogt dat het oordeel van het hof dat het beroep van AA Accountants op verrekening van haar vordering op P&H wegens onbetaalde facturen met haar schuld aan Previa faalt, aangezien geen sprake is van wederkerig schuldenaarschap, blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en/of zonder nadere motivering onbegrijpelijk is, omdat AA Accountants gemotiveerd heeft aangevoerd (hetgeen het hof onder 2.1 van zijn arrest ook heeft vastgesteld, vergelijk hiervoor onder 1.1.1) dat zij met P&H en haar dochtermaatschappijen is overeengekomen dat de vorderingen van AA Accountants op P&H en haar dochtermaatschappijen uit hoofde van accountantswerkzaamheden verrekend zouden worden met de vorderingen die Previa op AA Accountants zou verkrijgen wegens te verrichten werkzaamheden aan haar pand. Een dergelijke afwijking van het wederkerigheidsvereiste is toegestaan en behoudt ook in faillissement haar gelding, aldus het subonderdeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b624c175aaa251c72bf315b97db10b55d744e76b08a2bcf1ad7ff81e63734f84, en de alinea staat in dat document op bytes 42935 tot 43970.