Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2018

Onder 3.7. Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:210.

Voor zover de klacht tot uitgangspunt neemt dat het hof de gedragingen en omstandigheden zoals opgenomen in rov. 3.8.A.i. t/m iv. en 3.18. in zijn oordeel in rov. 6.2. t/m 6.8. van de eindbeschikking had moeten betrekken en zijn oordeel niet uitsluitend had mogen baseren op de afgelegde getuigenverklaringen en bevindingen van het rapport van Hoffmann bedrijfsrecherche, miskent de klacht dat het hof de omstandigheden uit rov. 3.18. bij zijn oordeel heeft betrokken (het hof wilde, zo blijkt uit de tussenbeschikking, immers weten of die omstandigheden meer dan een incident zijn; over het antwoord op die vraag gaat rov. 6.4 van de eindbeschikking) en dat de het hof niet gehouden was de omstandigheden en gedragingen van [verweerder] opgenomen in rov. 3.8.A.i. t/m iv. bij zijn oordeel te betrekken (zie voor dit laatste onderdeel 3.6 van deze conclusie). Onderdeel I faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d70e7e882c5867091df853a151e14206f8948f68b6f5ed3a0fcd9e0a5c64c9d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d70e7e882c5867091df853a151e14206f8948f68b6f5ed3a0fcd9e0a5c64c9d6, en de alinea staat in dat document op bytes 27948 tot 28840.