Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2018

Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:215.

Verdachte heeft zijn bedenkingen tegen de richting van het onderwijs aangegeven op een lijst per schoolrichting. Hij geeft bezwaren aan tegen Christelijk onderwijs, openbaar onderwijs, openbaar humanistisch onderwijs en antroposofisch onderwijs. Hoewel verdachte stelt bezwaar te hebben tegen Christelijk onderwijs, heeft hij zijn andere zoon per mei 2014 ingeschreven op een Christelijke school. De advocaat-generaal is van oordeel dat verdachte onvoldoende heeft aangegeven waarom de ene zoon wel Christelijk onderwijs kan volgen en de andere niet, waar verdachte stelt dat zijn levensovertuiging sinds 2012 niet is veranderd en geldt voor alle kinderen. De door verdachte gegeven onderbouwing van het beroep op vrijstelling is daarmee niet langer voldoende aannemelijk gemaakt. De leerplichtambtenaar heeft dan ook terecht geoordeeld dat verdachte geen recht toekwam op vrijstelling van de verplichting om [betrokkene 1] in te schrijven voor het schooljaar 2014/2015.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b35fa2dca568747189693703071bb2c575d73c8c44f5867c92a84a82ea8b3029. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b35fa2dca568747189693703071bb2c575d73c8c44f5867c92a84a82ea8b3029, en de alinea staat in dat document op bytes 32435 tot 33418.