Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018

Onder 3.6.1 Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:251.

Laat degene die een beslissing wil uitlokken over een processueel ondeelbare rechtsverhouding na om, overeenkomstig het hiervoor in 3.4 overwogene, alle bij de rechtsverhouding betrokken partijen in het geding te roepen, dan dient de rechter, naar aanleiding van een daarop gericht verweer dan wel ambtshalve, gelegenheid te geven om de niet opgeroepen personen alsnog als partij in het geding te betrekken door oproeping op de voet van art. 118 Rv binnen een daartoe door de rechter te stellen termijn. Ook dit geldt zowel in eerste aanleg als na aanwending van een rechtsmiddel. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41bdc2bd9dc600d487d9aef75f78101270a7ac4328848639e8ebba73ee03a9fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41bdc2bd9dc600d487d9aef75f78101270a7ac4328848639e8ebba73ee03a9fb, en de alinea staat in dat document op bytes 17318 tot 17918.