Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018

Onder 2.30. Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:258.

Ik lees in het subonderdeel nog het lastig te plaatsen voorbehoud dat het daarin bepleite standpunt dat verschillen in kwaliteit niet kunnen worden verrekend, geldt ‘ervan uitgaande dat de inbreng en toedeling voldoen aan de vereisten van gelijke hoedanigheid en gebruiksbestemming’. Ik denk dat niet bedoeld kan zijn dat in de onderhavige zaak de ingebrachte en toegedeelde gronden geheel gelijk(waardig) zijn wat betreft hoedanigheid en gebruiksbestemming. Dederd Oude Weme erkent immers dat in casu is toegedeeld met een klasseverschil van 0,89 (cassatieverzoekschrift p. 6 bij voetnoot 14, alsook p. 12 en 16). Mogelijk heeft de steller van het middel bedoeld te zeggen dat als geruild wordt binnen toegestane ‘ruilklassen’, uit moet worden gegaan van de fictie dat er geen kwaliteitsverschil bestaat. Dat is namelijk de opvatting waarvan hij in subonderdeel I.2 uitgaat. Die opvatting ook in subonderdeel I.1 in te lezen, gaat mij echter te ver. Wenst uw Raad die opvatting daarin wel te lezen, dan geldt voor de aldus gelezen klacht hetgeen ik hierna onder 2.33 zeg.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eaea8ba343a4220b40f3752ed969450989a7fe1850c523fe1c93aa6c8de7a06b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eaea8ba343a4220b40f3752ed969450989a7fe1850c523fe1c93aa6c8de7a06b, en de alinea staat in dat document op bytes 78481 tot 79609.