Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018

Onder 2.32 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:259.

Het hof heeft rov. 4.2 vooropgesteld dat er voor hoevepacht onder andere sprake moet zijn van een complex van tenminste een gedeelte van een gebouw en het daarbij behorende land. Vervolgens heeft het hof in rov. 4.3 overwogen dat de in gebruik gegeven bedrijfsgebouwen centraal liggen op de verpachte gronden, de bedrijfsgebouwen en de grond als een geheel zijn te exploiteren en ook voor landbouwkundige exploitatie door BBL ter beschikking van [verweerster c.s.] zijn gesteld. In dat verband wijst het hof naar artikel 7 van de bruikleenovereenkomsten waarin staat dat het de bruiklener uitsluitend is toegestaan de bedrijfsruimtes te gebruiken in het kader van agrarische bedrijfsvoering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597, en de alinea staat in dat document op bytes 62551 tot 63258.