Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018

Onder 2.35.1 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:259.

In rov. 4.5 heeft het hof – in cassatie onbestreden – vastgesteld dat [verweersters] gemotiveerd hebben gesteld dat in de pachtprijs per hectare een vergoeding is begrepen voor het gebruik van de gebouwen. Uit rov. 4.6 volgt dat BBL hiertegenover onvoldoende heeft aangevoerd. Dit oordeel is kennelijk gestoeld op de gedachte dat van BBL, als een professionele verpachter, kan worden verwacht dat zij tegenover het betoog van [verweersters] kan onderbouwen hoe de pachtprijs bij aanvang door BBL concreet is vastgesteld. Volgens het hof is BBL een antwoord op deze vragen schuldig gebleven, althans biedt hetgeen BBL in dat kader heeft aangevoerd daarvoor onvoldoende verklaring. Dit oordeel is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597, en de alinea staat in dat document op bytes 66164 tot 66995.