Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Onder 1.2 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:259.
[verweersters] hebben BBL bij exploot van 16 december 2013 gedagvaard voor de pachtkamer van de rechtbank Limburg en in conventie, samengevat, een verklaring voor recht gevorderd dat de tussen partijen gesloten geliberaliseerde pachtovereenkomst en de bruikleenovereenkomst met betrekking tot de bedrijfswoning en de bedrijfsgebouwen tezamen moeten worden aangemerkt als een pachtovereenkomst die gekwalificeerd moet worden als hoevepacht. Daartoe voeren [verweersters] , kort gezegd, aan dat ten aanzien van de voorheen met [A] B.V. gesloten pachtovereenkomsten de tegenprestatie voor het gebruik van de bedrijfswoning en de bedrijfsgebouwen steeds was verdisconteerd in de overeengekomen pachtprijs en dit door BBL is overgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597, en de alinea staat in dat document op bytes 7785 tot 8604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597 | shasum -a 256