Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Onder 4.8 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:259.
Het hof acht bij dit alles niet relevant dat de pachtovereenkomst voor los land is gesloten met [verweerster 1] en de bruikleenovereenkomst voor de bedrijfsgebouwen met [verweerster 2] . Zoals [verweerster c.s.] onweersproken heeft toegelicht is destijds met [A] een ontduikingsconstructie uitgedacht waarbij het nodig leek beide overeenkomsten op naam van verschillende vennootschappen te stellen. Nadat BBL eigenaar was geworden, heeft BBL aanvankelijk (in 2010) [verweerster c.s.] Landbouw op beide overeenkomsten vermeld, maar na een opmerking daarover van de controller van [verweerster c.s.] de bruikleenovereenkomst alsnog op naam van [verweerster 2] gesteld. Het feit dat met twee vennootschappen is gecontracteerd, had kennelijk ook voor BBL geen andere achtergrond dan voortzetten van wat daarvoor gebruikelijk was. Tot slot berust de zeggenschap in [verweerster 1] en [verweerster 2] uiteindelijk geheel bij [betrokkene 1] , die feitelijk alle (contractuele) handelingen heeft verricht. In zoverre worden beide vennootschappen aangemerkt als dezelfde (weder)partij als bedoeld in artikel 7:313 lid 3 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597, en de alinea staat in dat document op bytes 18161 tot 19288.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597 | shasum -a 256