Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:259.
Indien de rechter na toetsing aan de maatstaf van het Timeshare -arrest oordeelt dat de overeenkomst niet als geheel moet worden aangemerkt als één bepaald type overeenkomst (zoals huur of timeshare), dan is denkbaar dat de overeenkomst gemengd van aard is, omdat zij zowel elementen van de ene overeenkomst bevat als van een andere. In dat geval kan worden onderzocht of zij kan worden gesplitst in afzonderlijke overeenkomsten. Is dat laatste niet het geval dan dient in beginsel aan de hand van artikel 6:215 BW te worden beoordeeld welke rechtsgevolgen aan de gemengde overeenkomst dienen te worden verbonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597, en de alinea staat in dat document op bytes 35698 tot 36424.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8a57555bf74c3908c198d53f601af213b7be59bb2bc16e10c2ec10dcb4d1597 | shasum -a 256