Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2018

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:264.

19. Voor een veroordeling ter zake van het voorhanden hebben van een wapen of munitie in de zin van art. 26 Wet Wapens en Munitie (WWM) is vereist dat sprake is geweest van een meer of mindere mate van bewustheid van de verdachte ten aanzien van de aanwezigheid van dat wapen of die munitie. Mijn ambtgenoot Knigge wijst erop dat de aanwezigheid van een wapen in de woning die door de verdachte zelf wordt bewoond, een objectief aanknopingspunt vormt voor de vaststelling dat de verdachte dat wapen voorhanden heeft. De vereiste bewustheid kan daaruit volgens hem als regel worden afgeleid, ook als de verdachte beweert onwetend te zijn geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a13285e615fc20855abb88ed732ff4faefcd9886b9df3fb292a960ce4a953ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a13285e615fc20855abb88ed732ff4faefcd9886b9df3fb292a960ce4a953ed, en de alinea staat in dat document op bytes 16947 tot 17733.