Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Onder 3.7 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:39.

Kortom, indien de memorie van grieven niet is genomen op de laatst bepaalde roldatum en geen (verder) uitstel kan worden verkregen op de voet van art. 2.13 (zesde versie) vervalt direct het recht om een memorie van grieven te nemen. Daarvoor is niet nodig dat de wederpartij de appellant tevoren peremptoir heeft gesteld. In hoger beroep wordt een procespartij vertegenwoordigd door een advocaat, die geacht wordt op de hoogte te zijn van de in de desbetreffende procedure geldende termijnen en van de verstrekkende gevolgen die zijn verbonden aan een overschrijding daarvan .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fea8683b375257e206ec87affc9a9a5da3baa8564ff55565e8a2bd5e75e7cec1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fea8683b375257e206ec87affc9a9a5da3baa8564ff55565e8a2bd5e75e7cec1, en de alinea staat in dat document op bytes 17575 tot 18262.