Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018

Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:408.

Tijdens de getuigenverhoren is de transcriptie evenwel verschillende keren aan de orde geweest . Uit de processen-verbaal van de getuigenverhoren op 22 december 2015 blijkt dat aan de getuigen [betrokkene 2] , [betrokkene 4] en [betrokkene 1] , hetzij door de raadsheer-commissaris hetzij door mr. Peters, de advocaat van [eiseres] , de uitlating van [betrokkene 1] in nr. 60 van de transcriptie is voorgehouden . [betrokkene 2] heeft onder meer verklaard dat hij door [betrokkene 1] op de hoogte is gebracht van de transactie tussen hem en [verweersters] , dat in het dossier een transcriptie zit van een gesprek en dat hij het gesprek tussen hem en [betrokkene 1] heeft opgenomen op een terras in Roermond . [betrokkene 1] heeft zich op de vraag van mr. Peters of nr. 60 van de transcriptie juist is, wederom op zijn verschoningsrecht beroepen .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a014ee991d27cefb20c7159ab6c2cd5a9b4cb924b5b8c58f078924221f97b751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a014ee991d27cefb20c7159ab6c2cd5a9b4cb924b5b8c58f078924221f97b751, en de alinea staat in dat document op bytes 41214 tot 42328.