Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Onder 2.6. Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:409.
Uit het voorgaande volgt het praktische belang van de kwestie die partijen verdeeld houdt. Vallen de voorzieningen waarover zij strijden onder het regime van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, dan kan de man slechts aanspraken doen gelden voor zover in de huwelijkse periode ouderdomspensioen is opgebouwd (en dat is maar heel beperkt het geval). Vallen die voorzieningen daarentegen buiten dat regime, dan moet op grond van het huwelijksvermogensrecht de waarde van de voorzieningen ten tijde van de ontbinding van de gemeenschap bij helfte tussen partijen worden verdeeld, ook al zijn de aanspraken uit hoofde van die voorzieningen grotendeels in de voorhuwelijkse periode opgebouwd. Zou het nieuwe huwelijksvermogensrecht van toepassing zijn (dus de regels zoals die gelden voor huwelijken die vanaf 1 januari 2018 zijn gesloten), dan zou het praktische belang van de kwestie wegvallen, omdat in dat geval ook buiten het regime van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding alleen de huwelijkse periode in aanmerking wordt genomen. Dat nieuwe huwelijksvermogensrecht is echter uiteraard hier niet van toepassing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c736e3152d160078b6fd098f84600dbff5a681c5abc4bac2a6df9fd029d737a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c736e3152d160078b6fd098f84600dbff5a681c5abc4bac2a6df9fd029d737a, en de alinea staat in dat document op bytes 22029 tot 23177.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1c736e3152d160078b6fd098f84600dbff5a681c5abc4bac2a6df9fd029d737a | shasum -a 256