Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:410.
Verder wijzen Jellinghaus en Zondag op een vergelijking met het leerstuk van rechtsverwerking. Daar geldt volgens vaste rechtspraak dat het ‘enkel stilzitten’ niet voldoende is om rechtsverwerking aan te nemen. Toegepast op het leerstuk van verworven rechten betekent dit volgens hen dat niet te snel mag worden aangenomen dat sprake is van een verworven recht. Het enkele tijdsverloop is op zichzelf onvoldoende; daarvoor zijn bijkomende omstandigheden vereist. Eén van die omstandigheden zou kunnen zijn, als ik de auteurs goed begrijp, of voor de werknemer duidelijk was dat het verkregen voordeel onverplicht plaatsvond. Een andere omstandigheid (gezichtspunt) is het gelijkheidsbeginsel. Daarmee is van belang, zo begrijp ik, of alle werknemers, althans een bepaalbare groep werknemers, het voordeel heeft verkregen of dat sprake is van de bevoordeling van één werknemer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b, en de alinea staat in dat document op bytes 46175 tot 47200.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b | shasum -a 256