Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:410.
Het zou voor de rechtspraktijk van belang zijn als er meer duidelijkheid komt over de vraag wanneer een verworven recht ontstaat, zo is in de literatuur verschillende malen gesignaleerd. Een richtinggevende uitspraak van de Hoge Raad hierover is er namelijk niet. De onderhavige zaak zou kunnen worden aangegrepen om aan deze oproep gehoor te geven en een handvat te geven voor de beoordeling of een aan de werknemer verstrekt voordeel het karakter van een arbeidsvoorwaarde heeft verkregen. Dat handvat zou kunnen inhouden dat bij de beoordeling of sprake is van een verworven recht van de werknemer, van belang is hetgeen partijen over en weer hebben verklaard en uit elkaars gedragingen hebben afgeleid en in de gegeven omstandigheden daaruit redelijkerwijze mochten afleiden. Daarbij kan ook relevant zijn dat een bepaalde verklaring of gedraging juist achterwege is gebleven. Naar mijn mening is geen vaste periode te geven, die moet zijn verstreken voordat sprake kan zijn van een verworven recht. Evenmin kan worden aangenomen dat na het verloop van een bepaalde periode waarin een bepaald voordeel is toegekend, altijd sprake is van een verworven recht. Ook zou ik niet willen uitgaan van een vaste regel, dat na verloop van een bepaalde periode (bijvoorbeeld drie of vijf jaar) waarin een bepaald voordeel is toegekend, sprake is van een omkering van bewijslast ten gunste van de werknemer. Wel zou er vanuit kunnen worden gegaan dat nadat de werknemer gemotiveerd heeft gesteld dat en waarom hij er redelijkerwijs vanuit kon gaan dat een bepaald voordeel dat hem gedurende een periode is verstrekt het karakter van een arbeidsvoorwaarde heeft gekregen, het vervolgens aan de werkgever is om te stellen en zo nodig te bewijzen dat hij aan de werknemer kenbaar heeft gemaakt dat het bedoelde voordeel onverplicht werd verstrekt en dat voor de werknemer redelijkerwijs duidelijk kon zijn dat hij daaraan geen rechten kon ontlenen. Relevante gezichtspunten kunnen verder zijn:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b, en de alinea staat in dat document op bytes 49298 tot 51522.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/67d334c46194a9e2a9c871091a2aec1ea8c95382a08ab5c9237df956a20aca6b | shasum -a 256