Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Onder 4.8 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:416.

In het tweede onderdeel wordt voor zover het hof met ‘opzegging in de zin van art. 7:673 en 7:681 BW’ een (reguliere) opzegging bedoelt, aangevoerd dat het oordeel dat daarvan geen sprake was onbegrijpelijk is in het licht van zijn latere vaststelling, dat de CAO voorziet in herplaatsing ‘door middel van het geven van ontslag en aansluitende (her)benoeming’ en dat ‘Kolom en [verzoekster] (…) dienovereenkomstig gehandeld’ hebben. Uit die laatste vaststellingen volgt immers dat wèl sprake is geweest van opzegging. Het oordeel van het hof is daarom innerlijk tegenstrijdig, temeer daar in de brief van Kolom aan [verzoekster] wordt vermeld dat het dienstverband wordt beëindigd omdat de termijn van de ontslagbescherming is verstreken, waarbij bovendien rekening wordt gehouden met de geldende opzeg termijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f, en de alinea staat in dat document op bytes 102984 tot 103966.