Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018
Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:416.
(…) De regeling heeft tevens betrekking op het (eveneens na ommekomst van de periode gedurende welke het opzegverbod bij ziekte van de werknemer geldt) om genoemde reden beëindigen van deze arbeidsovereenkomsten met wederzijds goedvinden (en de daarbij overeengekomen vergoeding) om te voorkomen dat een werkgever zich (onnodig) tot UWV (of rechter) wendt om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. Anders dan bij opzegging of ontbinding van een arbeidsovereenkomst is bij een beëindiging met wederzijds goedvinden immers geen transitievergoeding verschuldigd. Als de regeling beperkt wordt tot de wettelijk verschuldigde transitievergoeding dan zal dit tot gevolg hebben dat beëindigingen die nu veelal met wederzijds goedvinden plaatsvinden, in de toekomst zullen verlopen via UWV (of rechter) met negatieve gevolgen voor de werklast.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f, en de alinea staat in dat document op bytes 30036 tot 31020.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f | shasum -a 256