Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018
Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:416.
Voor het deeltijdontslag op grond van bedrijfseconomische redenen stelt Allegra dat uit de tekst van de wet (art. 7:673 lid 1 sub a onder 1e BW) volgt dat de werknemer recht heeft op een transitievergoeding. Steun daarvoor is ook te vinden, zo schrijft zij, in lid 5 van art. 7:673 BW, waarin verrekening van een betaalde transitievergoeding mogelijk is bij opvolgend werkgeverschap. Uit die bepaling blijkt immers dat wanneer sprake is van opvolgende arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, uitgangspunt is dat bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst een transitievergoeding verschuldigd is, ook al wordt – binnen zes maanden – een opvolgende arbeidsovereenkomst gesloten (zie ook s.t. Sagel onder punt 6). Toekenning van een volledige transitievergoeding bij een deeltijdontslag is volgens Allegra echter onbevredigend, zowel vanuit een pragmatisch perspectief als vanuit het oogpunt van rechtvaardigheid. De werkgever houdt immers én gedeeltelijk de werknemer in dienst én moet een volledige transitievergoeding betalen. Dit kan er toe leiden dat tweemaal een transitievergoeding is verschuldigd, namelijk indien de nieuwe arbeidsovereenkomst op een later moment alsnog op initiatief van de werkgever wordt beëindigd. Volgens Allegra is het de vraag of art. 7:673 lid 5 BW (verrekening van eerder betaalde transitievergoeding bij opvolgend werkgeverschap) voldoende soelaas biedt om te voorkomen dat de werkgever tweemaal een volledige transitievergoeding moet betalen, al was het maar omdat beëindiging van de opvolgende arbeidsovereenkomst ook op initiatief van de werknemer kan plaatsvinden. In dat geval is de werkgever in beginsel geen transitievergoeding verschuldigd en valt er dus ook niets te verrekenen. Om deze reden pleit Allegra voor betaling van een partiële transitievergoeding bij een deeltijdsontslag. Ter onderbouwing verwijst zij naar de ‘factsheet Wwz’ van het ministerie van SZW (zie hierna onder punt 3.24), en stelt zij dat toekenning van de gehele transitievergoeding niet strookt met het doel van de transitievergoeding. Volgens haar laat art. 7:673 lid 5 BW ruimte voor een splitsing van de transitievergoeding. Dat splitsing mogelijk is, beargumenteert zij ten slotte onder verwijzing naar de beantwoording van de regering van vragen van de VAAN over de aard van de transitievergoeding:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f, en de alinea staat in dat document op bytes 47645 tot 50191.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8d2d60fdba007cf0782357621cfe80448bc4c2ba274242c636bba299afe4d0f | shasum -a 256