Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:421.

Dat één en ander lijkt mij op gespannen voet te komen met de aanspraak van de benadeelde op in beginsel volledige vergoeding van de werkelijke schade die de rechter zo concreet mogelijk moet begroten en de gegeven leidraad uit Chetaibi/Saki (concreet begroten, althans naar de schadestaatprocedure verwijzen, althans deze schade schatten). Het hof komt volgens mij ook niet terug op de (naar wil voorkomen:) bindende eindbeslissing uit rov. 3.13 van het tussenarrest dat vaststaat dat [verweerder] heeft gewanpresteerd onder art. 9 van de overnameovereenkomst door eigen uren te schrijven die in feite door het personeel zijn gemaakt. Ik citeer daartoe rov. 2.3 en 2.4 van het eindarrest, waaruit blijkt dat [verweerder] uitdrukkelijk heeft verzocht daarop terug te komen, hetgeen door het hof gemotiveerd wordt afgewezen:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c1bdf251a7725cfde4b71bd1b0f0a1f6b9d88f8ad88be805236c6869480756a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c1bdf251a7725cfde4b71bd1b0f0a1f6b9d88f8ad88be805236c6869480756a, en de alinea staat in dat document op bytes 47071 tot 47943.