Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Onder 1.3 Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:431.

De rechtbank heeft bij vonnis van 20 januari 2010 de vorderingen afgewezen. De rechtbank stelde de maatstaf van het arrest-Begaclaim voorop . Zij overwoog, samengevat, dat niet is gebleken dat strafvorderlijke dwangmiddelen jegens eisers zijn toegepast in strijd met de wet of met veronachtzaming van fundamentele vereisten (rov. 4.1 – 4.5 Rb). Evenmin is sprake van een geval waarin achteraf uit de uitspraak van de strafrechter of anderszins uit de stukken van de strafzaak blijkt van de onschuld van de verdachte en van het ongefundeerd zijn van de verdenking waarop het optreden van politie en justitie berustte (rov. 4.1 en 4.6 – 4.10 Rb). Vervolgens onderzocht de rechtbank de door eisers onder A – J gestelde afzonderlijke gedragingen van politie of justitie waarvoor zij de Staat aansprakelijk hielden. De rechtbank kwam uiteindelijk tot de slotsom dat geen van deze gedragingen kon worden aangemerkt als onrechtmatig jegens eisers (rov. 4.11 – 4.28 Rb).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/05a5f487947dc0bce11a755ce52a53177d2b59ecd997e9672d00231be0dc39de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 05a5f487947dc0bce11a755ce52a53177d2b59ecd997e9672d00231be0dc39de, en de alinea staat in dat document op bytes 13265 tot 14311.