Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2018

Alinea 120 Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:441.

Zoals gemeld was [verdachte] ten tijde van de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten directeur van [A] B.V, samen met medeverdachte [medeverdachte 1] , zijn zoon. Ter zitting van het hof heeft [verdachte] verklaard dat hij het voor het zeggen had binnen [A] B.V., hetgeen wordt bevestigd door getuigen (onder andere de curator). Bij inhoudelijke vragen aangaande de administratie diende verdachte benaderd te worden. Daarnaast heeft [verdachte] verklaard dat hij verantwoordelijk was voor de boekhouding en de belastingaangiften van deze rechtspersoon en beschikte [verdachte] in de ten laste gelegde periode over de nodige boekhoudkundige kennis opgedaan in eerdere functies en studies en werden de boekhouding en de belastingaangiften met hem besproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29f96ff178b42082f64750326ad376af137c016a38734f4ba8d9af5a35f17fd4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29f96ff178b42082f64750326ad376af137c016a38734f4ba8d9af5a35f17fd4, en de alinea staat in dat document op bytes 43957 tot 44722.