Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Onder 3.46 Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:45.

Het hof kan zich voorstellen dat het voor de betrokkenen, en voor [eiseres] en [de zoon] in het bijzonder, onbevredigend moet zijn dat ondanks diverse medische onderzoeken en rapportages, geen helder antwoord is gekomen op de vraag naar de oorzaak van de dwarslaesie. Dit is op zichzelf evenwel geen reden om tot aansprakelijkheid van [verweerder 1] te komen. Ook niet via de leer van de proportionele aansprakelijkheid. Die leer ziet immers op causaliteitsonzekerheid. Voor toepassing van die leer zou derhalve eerst plaats zijn als een handelen in strijd met de professionele norm door [verweerder 1] vast zou staan en slechts onzeker was of dat handelen tot de dwarslaesie heeft geleid, dan wel dat daarvoor een andere oorzaak is aan te wijzen. Zoals hierboven overwogen, doet die situatie zich hier niet voor. Daarmee faalt ook de incidentele grief 3.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b399d1fc97aaff9b318be7366a4cfcd052a5f0a27544ac2bf50c5c8e79cf4700. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b399d1fc97aaff9b318be7366a4cfcd052a5f0a27544ac2bf50c5c8e79cf4700, en de alinea staat in dat document op bytes 64362 tot 65230.