Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2018
Onder 4.74 Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:461.
Het verwijzingshof zal dienen te onderzoeken of in de door Albert Heijn verstrekte prognose voldoende is ingegaan op de genoemde gezichtspunten met betrekking tot de invloed van de lokale omstandigheden op de te verwachten omzet voor [eiseres] als Albert Heijn-winkel. Het verwijzingshof zal mede in dat licht moeten beoordelen of de verstrekte prognose al dan niet deugdelijk is. Mocht het verwijzingshof oordelen dat de verstrekte prognose onzorgvuldig tot stand is gekomen, dan zal opnieuw moeten worden beslist over de grondslagen dwaling, bedrog en onrechtmatige daad en de toewijsbaarheid van een compensatie van nadeel (ingevolge art. 6:230 lid 2 BW bij dwaling) dan wel schadevergoeding (bij bedrog en onrechtmatige daad). Bij de toepassing van art. 6:230 lid 2 BW zal naar mijn mening voor ogen dienen te worden gehouden dat dit geen schadevergoedingsverbintenis is (hiervoor randnummers 3.38 e.v.).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ac9f1f8b51693bdc1929126b249f55e06a0b6b653bf5776131fedc6d54289b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ac9f1f8b51693bdc1929126b249f55e06a0b6b653bf5776131fedc6d54289b3, en de alinea staat in dat document op bytes 204426 tot 205348.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4ac9f1f8b51693bdc1929126b249f55e06a0b6b653bf5776131fedc6d54289b3 | shasum -a 256